Het Eucharistisch wonder van Cava dei Tirenni (Italië), 1657

Er is nu veel te doen rond het zogenaamde ‘coronavirus’. Een Amerikaanse bisschop riep onlangs op tot het houden van Eucharistische processies op de vooravond van het feest van St. Jozef, als boetedoening en om Gods genezende hand af te smeken. En dat is inderdaad een heel goed initiatief. In 1657 was er op Hemelvaart een uitbraak van de pest in de Italiaanse stad Cava dei Tirenni. De pest werd gestopt door een processie met het H. Sacrament in de stad te houden.

Lees verder

Over de consecratiewoorden

De consecratie is het meest wezenlijke deel van de H. Mis. Daar spreekt de priester de instellingswoorden uit over de pateen met de hosties en de kelk met de miswijn, zodat deze, door Gods kracht via de Heilige Wijding van de priester, veranderen in het H. Lichaam en H. Bloed van Onze Heer Jezus Christus: dit is de transsubstantiatie. Op dat moment wordt het offer van Golgotha tegenwoordig gesteld (niet herhaald) – vandaar wordt het H. Misoffer ‘Onbloedig Offer’ genoemd. Jezus’ Offer is een tijdloos offer, en de H. Mis zal blijven bestaan totdat Hij wederkomt in heerlijkheid om de wereld te oordelen. De geldigheid van de consecratie ligt in het uitspreken van de juiste consecratiewoorden.

Lees verder

Kardinaal Arinze gaf in 2006 de instructie aan alle bisschoppenconferenties om bij de consecratiewoorden “voor velen” te gebruiken

Kardinaal Robert Sarah, Prefect van de Congregatie van de Goddelijke Eredienst en de Discipline van de Sacramenten, uitte in 2016 zijn hoop dat de Kerk in Spanje in het komende jaren de consecratiewoorden ‘pro multis’ (voor velen) zal invoeren. In 2006 keurde Paus Benedictus XVI een decreet goed van de Congregatie, om de vertaling van de consecratiewoorden accurater weer te geven in de lokale spreektaal, om de woorden in de Latijnse Missalen en in het Evangelie te weerspiegelen.

Kardinaal Arinze, Prefect van de Congregatie van de Goddelijke Eredienst van 2002 tot 2008, schreef naar alle bisschoppenconferenties: Lees verder

H. Pièrre-Julien Eymard: De staat van genade voor de H. Communie

Een overweging van de Heilige Pièrre-Julien Eymard over de H. Communie.

Dat de mens zichzelf beproeve; en zo van dit brood ete en van deze kelk drinke (1 Kor. XI, 28)

I. De staat van genade

De H. Communie is een hemelse maaltijd: de eerste voorwaarde om er deel aan te nemen is de staat van genade; het is de eerste en enige voorwaarde: vrij van doodzonde zijn. De welvoeglijkheid vraagt zonder twijfel meer, zij vraagt van ons godvruchtigheid en deugd; maar dit alles is betrekkelijk: er wordt meer van een kloosterling gevraagd dan van een leek; meer van iemand die alleen leeft dan van hen die met de zorgen van het huisgezin belast zijn; – maar het noodzakelijke voor iedereen is zuiver van doodzonde te zijn.

Lees verder

De Maagd van de Eucharistie

In 1993 verscheen de H. Maagd onder deze olijfboom met een Hostie aan haar hart, vroeg ze om eerherstel, en openbaarde ze zich als de Maagd van de Eucharistie.

Begin de jaren 1990 begonnen in Manduria, Zuid-Italië, een reeks verschijningen van de Heilige Maagd en de Heer Jezus Christus aan een begenadigd jong meisje, Debora Marasco. Zij was toen ca. 15 jaar. Ze werd van toen af geestelijk begeleid door een priester. 

In 1993 verscheen de H. Maagd in een olijfgaard, onder een olijfboom, en ze had de H. Hostie op haar borst, en ze vroeg dat er eerherstel zou worden gebracht aan het Heilig Sacrament. Vervolgens openbaarde ze zich als de ‘Maagd van de Eucharistie.’ In het heiligdom van en de devotie rond de gebeurtenissen van Manduria, staat vooral de eerbied voor het Heilig Sacrament centraal. De verschijningen en gebeurtenissen werden tot op heden niet kerkelijk erkend, maar er zijn wel talloze getuigenissen van bekeringen en genezingen. Ook ontving de zienster een aantal keer miraculeus de H. Hostie op de tong. Ikzelf ben daar in oktober 2017 ook eens op bedevaart geweest. Lees verder

H. Pièrre-Julien Eymard: Het Sacrament van Gods goedheid

Een overweging van de Heilige Pièrre-Julien Eymard over de H. Communie.

I. Wanneer wordt Jezus met de meeste liefde aanbeden?

Zonder twijfel doet de H. Communie aan de ziel een geluk en een zoetheid gevoelen, welke ergens anders niet worden gevonden. Waarom houdt God er zo aan, ons zijn zoetheid mee te delen? Omdat zijn goedheid alleen ons aan Hem kan hechten. Men vindt maar vriendschap onder zijn gelijken: de machtigen zijn omringd van benijders, en de koningen hebben geen vrienden, indien zij zich niet vernederen. Wij sidderen voor de macht van God, ook zijn heiligheid hecht ons niet aan Hem; maar wij beminnen God om zijn goedheid. Wij weten dat Hij ons wil zalig maken, dat Hij tot onze zwakheid en nietigheid afdaalt; en die mysteries van het leven van Onze Heer treffen ons hart het meest, waarin Hij ons een tedere en grotere goedheid toont. De goedheid alleen van God kan ons standvastig aan Hem hechten.

Wanneer zien wij de Heer op aarde met de meeste liefde aanbeden worden? De Wijzen aanbidden Hem in zijn kribbe, omdat Hij er geheel en al beminnelijk is. De blindgeborene wil Jezus volgen, getroffen door zijn liefde jegens hem. Magdalena verkrijgt vergiffenis van haar zonden, en haar hart wordt voor altijd ontvlamd van liefde tot Jezus, die haar zoveel liefde had getoond! Ja, zeker, men hecht zich slechts aan de goedheid. De H. Kerk zegt daarom ook in één van haar gebeden: Deus cujus natura bonitas, God wiens natuur goedheid is… Wat! Zijn dan alle eigenschappen van God niet gelijk? Zeker, zonder twijfel; maar hier op aarde voor ons is de eigenschap van God, goedheid. Lees verder

Kerk zwaar ontheiligd in Santiago, Chili

Afgelopen week gebeurde er een ernstige ontheiliging van een kerk in Santiago, de hoofdstad van Chili, door extreem-linkse gemaskerde relschoppers. De kerk van Maria-Tenhemelopneming werd geplunderd en beklad met grafitti, beelden werden kapotgeslagen en het tabernakel werd leeggeroofd… Graag willen wij in Jezus’ Naam vragen om een extra daad van eerherstel te brengen.

Deze diashow vereist JavaScript.

Over de wijze van ontvangen van de H. Communie

Ik heb reeds eerder geschreven dat de crisis in de Katholieke Kerk terug te brengen is naar een gebrek aan geloof in en eerbied voor Jezus in het Heilig Sacrament. En dat begon bij ons, in de lage landen (Nederland, België, Duitsland) in 1965, vlak na het Tweede Vaticaans Concilie, in rechtstreekse ongehoorzaamheid aan de Paus. Er werden zogenaamde ‘volksaltaren’ geïntroduceerd, de communiebanken werden achteraan de kerk gezet als ornament, of in stukken verzaagd en verkocht. En alle priesters kregen van hun bisschop te horen dat men voortaan de H. Communie in de hand zou geven, en dat de mensen daarbij rechtop moesten staan. Alle nodige vroomheid en eerbied, die eeuwenlang in gebruik was, was plots overbodig geworden… De priesters stelden zich daar kennelijk geen vragen bij, en schikten zich zonder meer naar “de wens van de bisschoppen,” ook al was dit in ongehoorzaamheid aan de Heilige Vader, de Vicaris van Christus, want de bisschoppen hadden geen toelating gekregen van Rome en handelden op eigen houtje.

Het Tweede Vaticaans Concilie had namelijk NERGENS bepaald dat de Communie voortaan in de hand mocht ontvangen worden – noch had de Paus daar toestemming voor gegeven. De priesters, die deze praktijk aanvaardden en introduceerden in hun parochies, en die “gehoorzaam” waren aan hun ongehoorzame bisschoppen, waren dus in werkelijkheid ook ongehoorzaam aan de H. Stoel. De praktijk van de handcommunie is en blijft een gevolg van een daad van rebellie tegen de Paus. En rebellie komt niet van Hierboven, maar van Hierbeneden: de Hel – van de eeuwige Rebel: de Satan. En de bisschoppen en kardinalen die rebelleerden, hadden banden met, of waren lid van …. de Vrijmetselarij (zoals: Kardinaal Suenens). En de priesters rebelleerden mee, en vonden alles oké.

Lees verder

H. Pièrre-Julien Eymard: De H. Communie – geneesmiddel tegen onze droefheid

Een overweging van de Heilige Pièrre-Julien Eymard over de H. Communie.

Ik, zo gelukkig in mijn koninkrijk, verga van droefheid in een vreemd land. – 1 Mach. 11

I. De aarde is een tranendal

Wij worden door een grote droefheid gekweld, die in het diepste van onze harten blijft zetelen, zonder dat wij er ons van kunnen ontdoen. Er is geen vreugde voor ons op aarde, vreugde die blijvend is en niet eindigt in tranen: zij bestaat hier niet en kan hier niet bestaan. Wij zijn uit ons land en uit het huis van onze vaderen verbannen. Deze droefheid is ons aller noodlottig erfdeel van onze gevallen vader Adam. Wij voelen vooral deze droefheid in onze eenzaamheid. Zij is soms verschrikkelijk! Zij is in ons en men weet niet vanwaar zij komt. De mensen zonder geloof verliezen de moed, wanhopen en verkiezen de dood boven zo’n leven. Afschuwelijke misdaad en onderpand van hun verwerping. Lees verder